Wanneer heeft u recht op schadevergoeding voor whiplash?

U heeft een aanrijding met de auto gehad en u heeft veel last van uw nek, hoofd of schouders. Wellicht heeft u een whiplash opgelopen. Whiplash wordt opgelopen als het hoofd met een snelle beweging van voor naar achter wordt geslingerd. Door deze beweging kunnen wervels, spieren, zenuwen en hersenen beschadigd raken. Op röntgenfoto’s is echter niets te zien waardoor het letsel moeilijk objectief kan worden vastgesteld. In dit artikel bespreken we wanneer de schade in verband met whiplash toch vergoed dient te worden.

Discussie whiplash

Ondanks de duidelijke uitleg van de Hoge Raad blijft in de praktijk veel discussie over whiplash. Daarbij staat de benadeelde over het algemeen tegenover de verzekeraar van de veroorzaker van het ongeval. In dit artikel bespreken we de overwegingen van de rechter en de uitkomst van een whiplashzaak waarbij diverse aspecten van de schade ter discussie stonden tussen de benadeelde (hierna: de verzoeker) en de verzekeraar (hierna: de wederpartij). We bespreken de uitspraak van 7 september 2016 van de rechtbank Midden-Nederland.

Aannemen van whiplash

Wat waren de feiten? Op 19 oktober 2011 is de verzoeker betrokken geraakt bij een verkeersongeval op de A27 ter hoogte van Vianen. Daarbij is de verzoeker rijdend in zijn auto aan de linkerzijde aangereden door een vrachtwagen die van rijstrook wisselde. Verzoeker heeft daarna in ieder geval nog één andere auto geraakt en is tegen de vangrail tot stilstand gekomen.

Vaststaat dat de vrachtwagen aansprakelijk is voor de schade van verzoeker. De vraag is welke klachten een causaal verband hebben met het ongeval. Met andere woorden is de vraag welke klachten wel en welke klachten niet te herleiden zijn tot het ongeval.

Voor de beoordeling van de vraag of sprake is van causaal verband tussen de gezondheidsklachten en het ongeval zoekt de rechtbank aansluiting bij de vaste jurisprudentie over het causaliteitsvraagstuk in geval van whiplash, te weten het arrest Zwolsche Algemeene/De Greef.

Standaardarrest

Het arrest Zwolsche Algemeene/De Greef wordt ook wel het standaardarrest op het gebied van whiplash genoemd. Daarin is aangenomen dat als algemeen bekend mag worden verondersteld dat een achterop aanrijding vaak leidt tot whiplashklachten waardoor aan het bewijs van het bestaan van deze klachten geen al te hoge eisen kunnen worden gesteld. Voldoende is dat objectief kan worden vastgesteld dat de klachten aanwezig, reëel, niet ingebeeld, niet voorgewend en niet overdreven zijn.

Causaal verband tussen klachten en ongeval

De rechter komt nu toe aan de vraag naar het causaal verband tussen het ongeval en de klachten. De rechter overweegt dat het enkele feit dat het bestaan van de subjectieve gezondheidsklachten het gevolg is van somatiseren (klachten die het gevolg zijn van een psychische aandoening en geen kenbare lichamelijke oorzaak hebben) door het slachtoffer, niet betekent dat het causaal verband tussen deze klachten en het ongeval ontbreekt.

Dat na een ongeval door somatiseren klachten ontstaan, verergeren of voortbestaan betekent dan ook niet zonder meer dat van causaal verband tussen de klachten en het ongeval geen sprake meer is. Dat is anders wanneer het slachtoffer van het somatiseren in redelijkheid een verwijt kan worden gemaakt of wanneer aannemelijk is dat ook zonder het ongeval door somatisering vergelijkbare gezondheidsklachten zouden zijn ontstaan.

De wederpartij betwist echter dat alle door verzoeker gestelde klachten en beperkingen volledig zijn terug te voeren op het ongeval. Volgens de wederpartij was verzoeker met een belangrijk deel van de klachten als gevolg van de bij hem vastgestelde ADHD-problematiek al bekend voordat het ongeval hem overkwam.

Pre-existentie en predispositie

Volgens de wederpartij zijn de huidige klachten van verzoeker dus pre-existent. Hiervan is sprake als de bestaande klachten vóór het ongeval bestonden. Volgens de wederpartij is geen sprake van juridisch causaal verband vanwege het ontbreken van een relatie tussen de klachten met het ongeval omdat deze al zouden bestaan voor het ongeval.

Op basis van de deskundigenrapportages is de rechtbank echter van oordeel dat er wel degelijk sprake is van causaal verband ondanks dat er sprake is van klachten die (ook), in ieder geval deels, kunnen worden toegeschreven aan ADHD of mede daaruit kunnen worden verklaard.

Anders dan de wederpartij stelt, wordt het causaal verband in dit geval niet doorbroken door wat de wederpartij de pre-existente ADHD-problematiek bij verzoeker noemt. De discussie tussen partijen op dit punt komt neer op de vraag of, doordat voor het ongeval reeds ADHD-klachten bestonden, sprake is van voor de beoordeling van het causale verband relevante pre-existentie of predispositie. Van predispositie is sprake wanneer al een bepaalde aanleg of kwetsbaarheid bestond voor het ontwikkelen van de klachten vóór het ongeval.

Oordeel van de rechtbank

Naar het oordeel van de rechtbank kan deze kwalificatie van de voorheen bestaande klachten in het midden blijven. Weliswaar kampte verzoeker voor het ongeval met klachten en beperkingen die verband hielden met de bij hem geconstateerde ADHD, maar er was toen geen sprake van blijvende beperkingen noch van enig daaruit voortvloeiend verlies aan inkomsten.

Indien de ADHD als predispositie zou worden gekwalificeerd, dan staat dit op zichzelf aan volledige toerekening niet in de weg. Dit zou anders kunnen zijn als sprake is van bijzondere omstandigheden waaruit met zekerheid kan worden afgeleid dat de predispositie ook zonder het ongeval tot relevante beperkingen en een daaruit voortvloeiend verlies aan inkomsten zou hebben geleid. De rechtbank is van mening dat van dergelijke bijzondere omstandigheden niet is gebleken.

Omvang van de schade

Het bestaan en de omvang van schade door verminderd arbeidsvermogen na een ongeval dient te worden vastgesteld door een vergelijking te maken tussen het inkomen van de benadeelde in de feitelijke situatie na het ongeval en het inkomen dat de benadeelde in de hypothetische situatie zonder ongeval zou hebben ontvangen.

De stelplicht en bewijslast van het bestaan en de omvang van de schade rusten in beginsel op de benadeelde. Aan de benadeelde mogen in dit verband echter geen strenge eisen worden gesteld. Bij de beoordeling van de hypothetische situatie komt het dan ook aan op hetgeen redelijkerwijs te verwachten valt. In dat verband dienen de goede en kwade kansen te worden afgewogen, bij welke afweging de rechter een aanzienlijke mate van vrijheid heeft.

Conclusie

Indien sprake is van klachten die vallen binnen de sfeer van whiplash dan ligt de drempel relatief laag om aan te nemen dat de klachten ook daadwerkelijk bestaan ondanks dat deze op röntgenfoto’s niet te zien zijn.

Huisarts

Belangrijk is dat de klachten zijn gerapporteerd aan de behandelaars en dat ze reëel, niet ingebeeld, niet verzonnen maar ook niet overdreven zijn. Het is dus van belang dat direct na het ongeval contact wordt opgenomen met de huisarts om de klachten te rapporteren en om ook de adviezen van de huisarts en fysiotherapeut op te volgen. Verder is het ook van groot belang om zo lang u de klachten heeft ook contact te blijven houden met uw behandelaars maar in ieder geval de huisarts zodat deze continu vermeldingen kan maken in het medisch dossier.

Advocaat

Daarnaast is het van belang dat u zo spoedig mogelijk een letselschadeadvocaat of andere letselschadespecialist inschakelt om uw schade in kaart te brengen en om deze te verhalen op de wederpartij. Het wordt u in alle gevallen ontraden om op eigen houtje afspraken te maken met de verzekeraar en in dat verband een vaststellingsovereenkomst te tekenen. Het kan dan zijn dat u weliswaar een vergoeding krijgt, maar dat deze vele malen lager is dan waarop u juridisch gezien recht heeft. Als u tekent, kunt u zeer waarschijnlijk niet meer terugkomen op die afspraken. Bovendien hoeft u voor de advocaatkosten niet te vrezen aangezien deze vergoed dienen te worden door de verzekeraar voor zover deze redelijk zijn.

Andere experts

Uw letselschadeadvocaat zal vervolgens ook andere experts inschakelen zoals een medisch adviseur en een rekenkundige. De medisch adviseur is een onafhankelijke arts die een beoordeling maakt van de klachten en beperkingen die toe te schrijven zijn aan het ongeval. De rekenkundige heeft tot taak om complexe schadeberekeningen te maken, in het bijzonder waar het gaat om inkomstenderving. Ook de kosten van de medisch adviseur en rekenkundige worden vergoed door de verzekeraar van de tegenpartij die uw schade heeft veroorzaakt.

Bron(nen):

 

Meer informatie of hulp nodig?

Neem voor meer informatie over dit onderwerp contact op met:

Wat zijn de kosten?

De advocaatkosten voor uw letselschadezaak worden over het algemeen vergoed door de verzekeraar van de veroorzaker van uw schade zoals hiervoor ook uiteengezet. Dit is het geval indien de aansprakelijkheid is erkend door de verzekeraar.

Indien de aansprakelijkheid (nog) niet is erkend, komen de advocaatkosten in eerste instantie voor uw rekening. Indien de aansprakelijkheid alsnog vast komt te staan, kunnen de door u betaalde advocaatkosten over het algemeen alsnog worden verhaald op de tegenpartij of diens verzekeraar.

Indien u de kosten zelf dient te dragen dan kunt u het vaste tarief voor letselschadezaken zelf berekenen door vier eenvoudige vragen te beantwoorden. Klik hier om uw vaste tarief zelf direct te berekenen.