Wordt mijn uitkering in het buitenland verlaagd?

Op grond van de Wet woonlandbeginsel kan een uitkering verlaagd worden omdat deze wordt uitbetaald aan iemand die in het buitenland woont. Deze wet is echter niet altijd van toepassing. Zo heeft de hoogste bestuursrechter, de Centrale Raad van Beroep (CRvB), al eerder geoordeeld dat deze verlaging voor onder meer Marokko en Turkije niet is toegestaan. Op 5 april 2018 deed de CRvB een uitspraak over de vraag of een ANW-uitkering verlaagd mag worden wanneer deze wordt betaald aan iemand die in Indonesië woont. In dit artikel zullen we deze uitspraak bespreken.

Lees verder

Zeven vragen over beëindiging van de vof

U bent vol enthousiasme een vennootschap onder firma (hierna: vof) gestart met uw zakenpartner. Na enige tijd botert het echter niet meer tussen u en wilt u de samenwerking beëindigen. Wat voor problemen kunt u tegenkomen en hoe kunt u deze oplossen?

In dit artikel bespreken we de meest prangende vragen uit de praktijk. De focus ligt hierbij op de gevallen waarin weinig of geen schriftelijke afspraken zijn gemaakt tussen de vennoten.
Lees verder

De rechten van de vrouw na echtscheiding volgens Syrisch recht (Arabisch)

حول الحقوق الشرعية للزوجة بعد الطلاق في قانون الأحوال الشخصية السوري

مقدمة

من أهم المشاكل التي تواجه الزوجين بعد الطلاق هي حقوق الزوجة : نفقة العدة ، حضانة الاطفال، أجرة الحضانة ، مقدم المهر إذا كان غير مقبوض ، مؤجل المهر، أجرة الرضاعة ، نسب الأطفال والارث.

Lees verder

De nieuwe Europese privacywetgeving: wat gaat er veranderen in 2018?

Vanaf 25 mei 2018 geldt in de gehele EU de zogeheten Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) die de Wet bescherming privacygegevens (Wbp) zal vervangen. Wat houdt deze wijziging in voor uw privacy en wat betekent deze voor de organisaties die gegevens verwerken?

Persoonsgegevens

Persoonsgegevens zijn gegevens die privacygevoelig zijn en waarmee een persoon kan worden geïdentificeerd. Deze zijn onder te verdelen in standaard persoonsgegevens (zoals naam, adres en woonplaats) en bijzondere persoonsgegevens (zoals uw burgerservicenummer, etniciteit, politieke voorkeur en geloofsovertuiging).

Deze gegevens kunnen worden opgeslagen door verschillende bedrijven en/of instellingen. Denk bijvoorbeeld aan uw bank. In het kader van de veiligheid heeft uw bank persoonsgegevens van u nodig om u te kunnen verifiëren mocht dit nodig zijn.

Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)

Toch moeten organisaties zich aan strenge regels houden omtrent uw gegevens. Dit omdat u een grondrechtelijke recht heeft op privacy. Om de privacy te waarborgen geldt in Nederland nog de nationale Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp).

Deze wet is gebaseerd op de Europese privacyrichtlijn uit 1995. Op grond van deze richtlijn hebben lidstaten destijds nationale wetten ontwikkeld om de persoonsgegevens te beschermen. Toch blijkt dat de nationale privacywetten van de lidstaten nog wel eens kunnen verschillen.

Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)

Om meer rechtseenheid te creëren en te voldoen aan de behoefte aan meer privacybescherming als gevolg van verdergaande digitalisering van de samenleving, is de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) in het leven geroepen. De AVG, ofwel General Data Protection Regulation (GDPR), is op 25 mei 2016 in werking getreden en zal op 25 mei 2018 van kracht zijn.

De nationale Wbp zal dan komen te vervallen. Alle organisaties bevinden zich nu in een overgangsperiode en zij hebben tot mei 2018 de tijd om hun bedrijfsvoering in overeenstemming te brengen met de AVG.

De komst van nieuwe wetgeving brengt altijd onduidelijkheid met zich mee. Wat gaat er nu precies veranderen? Waar moeten burgers en organisaties rekening mee houden? Hieronder de belangrijkste veranderingen voor zowel burgers als organisaties.

Belangrijke veranderingen voor burgers

De AVG zorgt ervoor dat de privacy van burgers wordt versterkt en uitgebreid. Burgers krijgen hierdoor meer mogelijkheden om zelf inspraak te hebben in de verwerking van hun persoonsgegevens.

De volgende veranderingen springen in het oog:

  • Het recht van toestemming: in artikel 6 en 7 van de AVG is bepaald dat organisaties alleen bij expliciete toestemming persoonsgegevens mogen verwerken. Ook moeten zij kunnen bewijzen dat zij die toestemming hebben gekregen. Ook wordt het makkelijker gemaakt voor burgers om die toestemming weer in te trekken of te eisen dat gegevens moeten worden gewijzigd.
  • Het recht op dataportabiliteit: dit houdt in dat burgers de organisatie kunnen verzoeken om al hun persoonsgegevens in een standaardformaat te ontvangen. Dit maakt het makkelijker om eigen gegevens in te zien en door te geven aan bijvoorbeeld een andere vergelijkbare organisatie.
  • Het recht om vergeten te worden: in de AVG staat dat alle organisaties die persoonsgegevens verwerken, deze op verzoek moeten verwijderen. Ook kunnen burgers eisen dat de organisatie de verwijdering doorgeeft aan alle andere organisaties die deze gegevens hebben gekregen. Denk hierbij aan zoekmachines op het internet.
  • Vrijer gebruik burgerservicenummer: het verbod van artikel 24 Wbp op de verwerking van identificatienummers (zoals het burgerservicenummer) wordt opgeheven. De AVG kent dit verbod niet en dit houdt dus in dat voortaan vrijer gebruik kan worden gemaakt van identificatienummers. Ook zal het burgerservicenummer niet meer vallen onder bijzondere persoonsgegevens.

Belangrijke veranderingen voor organisaties

Voor organisaties die persoonsgegevens verwerken gaat er aan de andere kant uiteraard ook het een en ander veranderen.

Hieronder de opvallendste wijzigingen:

  • EU-brede regelgeving: de AVG geldt niet alleen voor Europese bedrijven, maar ook voor buitenlandse bedrijven die hun producten of diensten aanbieden binnen Europa. De AVG is geen Europese richtlijn, maar een verordening. Dit zorgt ervoor dat deze wetgeving in alle lidstaten geldt en dus gelijk is. Het toepassingsbereik van de AVG is hiermee vergroot. Ook zorgt dit voor meer duidelijkheid over welk recht nu van toepassing is. Dit is vooral gunstig voor organisaties die internationaal opereren.
  • Eigen verantwoordelijkheid: organisaties krijgen meer verantwoordelijkheid en minder administratieve lasten. Zo hoeven zij verwerking van persoonsgegevens niet meer te melden bij lokale toezichthouders, maar zijn zij zelf verantwoordelijk om een eigen overzicht bij te houden wat betreft alle persoonsgegevens.
  • Strenge sancties: er kunnen strengere sancties worden opgelegd tegen de verantwoordelijken wanneer zij de gegevensbeschermingsregels overtreden. De boete die de toezichthouder oplegt, kan oplopen tot € 20 miljoen (of 4% van de omzet van het bedrijf).
  • Verplicht assessment: bepaalde organisaties moeten verplicht een Data protection impact assesment (DPIA) uitvoeren. Dit is een instrument om vooraf de privacy risico’s te bepalen en dit zou organisaties dus moeten helpen bij de verwerking van persoonsgegevens.

Conclusie

Al met al brengt de nieuwe Europese verordening een hoop veranderingen met zich mee. Of de doelstellingen van een verbeterde en striktere gegevensbescherming ook daadwerkelijk zullen worden behaald, moet nog blijken.

Wel heeft de Autoriteit Persoonsgegevens veel tools ontwikkeld om de overgang voor organisaties gemakkelijker te maken in de overgangsperiode. Voor meer vragen over privacywetgeving en uw persoonsgegevens kunt u altijd contact met ons opnemen.

 

Meer informatie of hulp nodig?

Neem voor meer informatie over dit onderwerp contact op met:

Wat zijn de kosten?

Klik hier voor meer informatie over de wijze waarop uw advocaatkosten kunnen worden vergoed en welke betalingsmethoden ons kantoor hanteert.

In de bijstand met een schade-uitkering

Een bijstandsuitkering heeft een vangnetfunctie en is bedoeld om mensen in hun levensonderhoud te voorzien wanneer die niet zelf rond kunnen komen. Vanwege deze functie is een bijstandsgerechtigde gebonden aan een aantal voorwaarden, waaronder inkomens- en vermogensgrenzen.

Wanneer een bijstandsgerechtigde aanspraak maakt op een schade-uitkering kunnen deze voorwaarden een rol spelen. De vraag is dan wat er gebeurt met de uitkering wanneer u een schade-uitkering ontvangt na bijvoorbeeld een verkeersongeval of medische fout? In dit artikel bespreken we deze en andere vragen die verband houden hiermee.

Lees verder

KEI: digitaal procederen in civiele zaken

Om procedures eenvoudiger te maken en aan te sluiten bij de digitalisering van onze samenleving is het programma KEI (Kwaliteit en Innovatie rechtspraak) opgezet. Met de invoering van KEI worden procespartijen verplicht om digitaal te procederen in gerechtelijke procedures. Op dit moment geldt dit slechts voor civiele procedures bij de rechtbank Midden-Nederland maar dit wordt de komende jaren verder uitgerold. In dit artikel gaan we in op het digitaal procederen in civiele procedures en de belangrijkste wijzigingen hierin.

Lees verder

Transitievergoeding bij een slapend dienstverband?

In de praktijk doet zich de situatie voor dat een werkgever het dienstverband van zijn zieke werknemer, die twee jaar of langer ziek is en inmiddels een WIA-uitkering ontvangt, niet wil beëindigen. Dit is simpelweg om de transitievergoeding niet te hoeven betalen. Het dienstverband van de zieke werknemer wordt dan zoals dat heet ‘slapend’ gehouden. In dit blogartikel wordt onder meer besproken tot welke gevolgen een dergelijke handelswijze in de praktijk kan leiden, of het slapend dienstverband aangemerkt kan worden als ernstig verwijtbaar handelen en of een werknemer op basis hiervan aanspraak kan maken op een transitievergoeding en een billijke vergoeding.

Lees verder

De billijke vergoeding onder de Wwz

De Hoge Raad heeft recentelijk een belangrijke uitspraak gedaan over de billijke vergoeding in de zin van de Wet werk en zekerheid (Wwz). In deze uitspraak was de vraag aan de orde in hoeverre de persoonlijke omstandigheden van de werkneemster oftewel de gevolgen van het ontslag voor de werkneemster meegewogen mogen worden bij het vaststellen van de hoogte van de billijke vergoeding. We bespreken hierna de regels over vergoedingen bij ontslag en de uitspraak van de Hoge Raad.

Lees verder